Man-Vrouw deel 1: Thomas

Het is erg lang geleden dat ik haar gezien heb. Ik heb haar niet gemist. Ik dacht dat het wel zo was, maar zodra ik haar het restaurant in zie lopen wist ik dat het niet zo was. Ik heb altijd gedacht dat de eerste echte liefde van iemand wel altijd een zwak punt zou blijven, en dat is ze ook heel lang geweest. Zelfs toen het al jaren uit was, ik al een aantal keer een redelijk lange relatie had gehad en mijn hart net zo vaak was gebroken, had ik nog steeds een zwak voor haar. Ze kon me nog steeds helemaal gek maken met die blik in haar ogen en de manier waarop ze heupwiegend naar me toe kwam lopen. Dus toen ze voor een aantal jaar naar Zuid-Amerika vertrok, miste ik haar verschrikkelijk, de vrouwen die ik in de tussentijd heb gehad verbleekten bij haar. Maar nu ik haar daar zie staan, nu ze zich er niet van bewust is dat ik er ben en dat ik naar haar kijk, besef ik me pas dat ik de gedachte aan haar misschien beter is dan de werkelijkheid. Ik heb haar waarschijnlijk beter voorgesteld dan dat ze is, of ik ben in de tussentijd te erg veranderd om iets anders dan een vage bewondering voelen die elke man voor een mooie, maar onbereikbare vrouw koestert. Op de een of andere manier is ze veranderd, de kou straalt van haar af. De blik in haar ogen, waar vroeger de vlammen uit sloegen, zijn ijzig op de ober gericht terwijl ze om onze tafel vraagt. Ze is net een halve maand terug en ze belde om wat af te spreken. Ze had me veel te vertellen zei ze. Door de telefoon klonk haar stem warm, hartelijk, zinnelijk, zoals ik me haar kan herinneren. Wie is die vrouw die met een verveeld gezicht staat te wachten? Ze draait zich om en komt naar mijn tafel toe lopen. Zodra ze me ziet, begint ze te lachen. De metamorfose is compleet, meteen laat ze mijn hart weer sneller slaan en geeft ze me kriebels in mijn onderbuik. Alsof ze het masker van zich af gooit, of opzet. “Thomas, wat heerlijk om je weer te zien! Je ziet er goed uit.” Ik sta op en kus haar op de wang. Op hetzelfde moment draait ze haar hoofd een beetje mijn richting op en mijn kus beland op haar lippen. “Sorry.” Zeg ik. Ze glimlacht een beetje bedeesd, terwijl ze zegt dat het niet uitmaakt. Haar ogen stralen en ze draait met haar vinger krulletjes in een lok van haar lange blonde haar. Op dat moment weet ik dat ze haar hoofd expres wegdraaide om de kus uit te lokken. Op deze manier keek ze ook altijd als ik haar moest verleiden. Onschuldig en naïef. Ondertussen weet ik beter, ze is een beest in bed. Toch krijg ik meteen de behoefte om haar te beschermen nu ze zo kijkt. Ik kan haar niet weerstaan. Ze gaat zitten en wenkt de ober. Terwijl ze me aankijkt met haar hoofd een beetje schuim, vraagt ze: “Bestellen we een fles? Om het weerzien tussen oude vrienden te vieren?” Ik knik, terwijl ik diep in mijn hart weet dat ik hier verschrikkelijk spijt van ga krijgen. Ik weet namelijk al dat het niet bij een fles wijn blijft, voordat de avond om is en we in mijn of in haar bed belanden zijn er al een fles of drie doorheen gegaan. Op dit moment maakt het me niks uit, wat de consequenties ook mogen zijn. We hebben het vaker gedaan dan we ons kunnen herinneren, meestal omdat we te dronken waren om er goed over na te denken. Ik tenminste. Ik hou haar in de gaten terwijl we zitten te eten en zij honderduit vertelt over haar avonturen in het bruisende Buenos Aires. Ze drinkt bijna niks, maar schenkt mij wel steeds bij. Deed ze dat vroeger ook? Ondanks dat ik op mijn hoede blijf, begin ik toch al het effect van de wijn te voelen. Shit, dit was de bedoeling niet. Na alles wat ze me had aangedaan kan ik me toch niet weer laten beïnvloeden door de wijn en samen met haar de nacht doorbrengen? Maar ik weet dat het wel zo is. Zodra ze weer tegen me lachte, was het een verloren zaak. Maar ik wil het nog niet toegeven, dus ik stribbel tegen als ze voorstelt bij haar thuis nog wat te gaan drinken. Dan kan ik meteen de foto’s zien, zegt ze. Ik klink sterk en verstandig als ik zeg dat het me niet zo’n goed idee lijk, na alles wat er is gebeurd en de lange tijd dat ze weg is geweest. Er is te veel tussen ons veranderd. Ze knikt begrijpend, maar ze weet net zo goed als ik dat ik al overstag ben gegaan. Ze pakt mijn hand vast en leid me de straten door naar haar huis. Als we voor haar deur staan en ik nogmaals probeer om sterk te blijven, kust ze me zacht. Het is een lange, sensuele kus, het is lang geleden dat ik zo gekust ben. Verloren zaak. Ik loop achter haar de trap naar haar appartement op, haar heupen wiegen en ik kan bijna onder haar rok kijken. Ik weet dat ze er niks onder aan heeft. Het wind me op, god, de wijn heeft me echt te pakken. Ik probeer me de blik in haar ogen te herinneren, toen ze op me stond te wachten, die blik die me duidelijk maakte wat voor een vrouw ze precies was. Het lukt niet, ik zie alleen het intens vrouwelijke, seksuele wezen voor me die nu de trap op loopt. Zodra we binnen zijn, draait ze zich om en trekt langzaam haar top en rok uit. Ik had gelijkt, ze was naakt daaronder. Wat een wonderbaarlijk mooie vrouw. Al mijn bezwaren worden onmiddellijk aan de kant geschoven, ik kan niet helder meer denken. Ik neem haar in mijn armen en laat me meevoeren op de geweldige sensatie die onze seks teweeg brengt. Voordat ik mijn hoogtepunt bereik fluister ik haar toe dat ik van haar hou. Op dat ene moment in dat restaurant na, heb ik altijd van haar gehouden. Ze lacht en zegt: “Dat weet ik, Thomas. En je zal altijd van me blijven houden.” Ik hoor de koude ondertoon in haar stem niet.

Het is nou al een paar dagen geleden en ik wacht nog steeds op haar telefoontje. Niet bewust, maar elke keer als mijn mobiel gaat schrik ik op en grijp ik ernaar. Telkens als ik de naam op het schermpje lees, voel ik een vreemd, ongemakkelijk gevoel. Het dringt nu pas tot me door dat het teleurstelling is. Hoe heb ik zo diep kunnen zinken, vraag ik mezelf af. Ik dacht altijd dat het de vrouwen waren die op de telefoontjes van ons mannen zaten te wachten. Had een van mijn vrienden mij verteld dat hij met smart zat te wachten tot zij belde, dan had ik hem aangekeken of hij gek was, was hij nou een echt vent of niet? En nu doe ik het zelf. Verdomme! Ze heeft het weer voor elkaar, ik wacht toch weer op haar, terwijl ik weet dat ze niet komt, niet belt, nooit naar me terug zal komen. Hoe kan ik dat niet weten. Zo ging het altijd na die foute, maar heerlijk passionele nachten, waar we er veel te veel van hebben meegemaakt. Hoe kan ik zo stom zijn? Het is maar een vrouw. Bloedmooi, sexy, gewillig, de droom van elke man, dat wel. Maar toch, ze is maar een vrouw. Een vrouw waar ik niet aan kan ontsnappen. Wil ik dat wel? Ik weet het niet. Ze heeft me verschrikkelijk veel pijn gedaan, keer op keer op keer en toch….. Mijn telefoon gaat. Mijn baas, zie ik. Weer dat vage, ongemakkelijke gevoel.

0 meningen. Geef ook je mening!:

Een reactie plaatsen

Opbouwende kritiek en tips zijn altijd welkom!