Man-vrouw: Deel 1 Hoofdstuk 2: Thomas

Ik ben wees. Mijn ouders zijn tegelijkertijd overleden, nu zo'n 20 jaar geleden. Het enige dat erdoor veranderde was de plek waar mijn zusje en ik kwamen te wonen. Zelfs voor die tijd voelde ik me al wees, vanaf mijn eerste herinnering tot het moment waarop ze stierven. Ik was de middelste van drie. Stuck in the middle zoals ze zo mooi zeggen. En dat was ik, stuck.
Mijn vader was nauwelijks thuis. De zaken hadden altijd voorrang. Er moest tenslotte geld op de plank komen. Dat deed de man in huis. Mijn ouders hadden een traditionele rolverdeling: de man werkt, de vrouw zorgt ervoor dat het huishouden in goede banen loopt. Mijn moeder was daar niet zo goed in. Mijn vaders mening, niet de mijne. Als hij wél eens thuis was gaf hij mijn moeder daarom 'goed advies', dat sloeg hij erin. Als hij geen goed advies gaf speelde hij voetbal met mijn broer of dweepte hij met mijn zusje. Hun sloeg hij nooit. Ik was blij als hij me sloeg. Dan zag hij me staan. Het was alleen nooit goed advies, want hij keek nooit naar me om, lette nooit op me. Hij sloeg me uit de weg alsog ik een vlieg was die rond zijn hoofd zoemde. Tot op de dag van vandaag vraag ik me nog steeds af om hij wist hoe ik heette.
Mijn moeder was anders. Ze probeerde het wel, dat kon ik zien. Ze behandelde me net zo als ze mijn broer of Liza behandelde. Maar als ze me prees of geruststelde als ik weer een van mijn eindeloze nachtmerries had gehad haalde haar glimlach nooit haar ogen. Als ze me bestrafte leek ze daar een stil genoegen uit te halen, ookal bestrafte ze me niet meer dan de andere twee. Ik weet dat ze het probeerde, maar ik heb haar nooit naar me zien kijken zonder die hekel in haar ogen. Ah, haar ogen. Zo blauw als een wolkenloze zomerhemel. Ik kan niet naar een uitgestrekte blauwe lucht kijken zonder aan haar te denken. Altijd lopen de rillingen over mijn rug. Ze hield niet van ma. Of dat meteen al zo was, direct na mijn geboorte, of dat het later gebeurde, weet ik niet. Mijn grootouders hebben me ooit eens verteld dat mijn geboorte zwaar was. Zo zwaar dat mijn fragiele moeder er bijna aan was gestorven. Misschien kwam het daardoor. Was ik zelfs als baby al in staat om alles om mijn weg te verpesten? Ik weet het niet. Sommige dingen moet je ook niet willen weten. Ik weet dat ze niet van me hield. Dat is genoeg.

0 meningen. Geef ook je mening!:

Een reactie plaatsen

Opbouwende kritiek en tips zijn altijd welkom!